Hond heeft moeite met opstaan? Herken de signalen op tijd
Een hond heeft moeite met opstaan wanneer overeind komen na slapen of rust duidelijk meer inspanning kost dan voorheen. Misschien gebruikt uw hond eerst zijn voorpoten en volgt de achterhand pas daarna. Of hij staat uiteindelijk wel op, maar loopt de eerste minuten opvallend stijf.
Bij een oudere hond wordt al snel gedacht: hij wordt gewoon wat ouder. Leeftijd kan zeker een rol spelen, maar moeite met opstaan is geen verandering die u automatisch aan ouderdom hoeft toe te schrijven.
Gewrichten, spieren, pezen, de rug en het zenuwstelsel kunnen allemaal invloed hebben op hoe gemakkelijk een hond beweegt. Soms is er sprake van pijn, soms van afgenomen spierkracht en soms spelen meerdere factoren tegelijk een rol.
Het belangrijkste is daarom niet om zelf meteen een diagnose te stellen, maar om veranderingen vroeg te herkennen.
Wanneer een hond moeite heeft met opstaan
Niet iedere hond die na een diepe slaap even langzaam overeind komt, heeft een probleem. Kijk vooral naar veranderingen ten opzichte van hoe uw hond normaal beweegt.
Let bijvoorbeeld op wanneer uw hond:
- steeds langer nodig heeft om overeind te komen;
- eerst zijn voorpoten gebruikt en moeite heeft de achterhand omhoog te krijgen;
- de eerste meters na rust stijf loopt;
- minder gemakkelijk gaat zitten of liggen;
- minder graag in de auto of op de bank springt;
- traplopen probeert te vermijden;
- kortere wandelingen wil maken;
- vaker blijft liggen wanneer er normaal iets interessants gebeurt;
- onzeker wordt op een gladde vloer.
Eén zo’n signaal hoeft niet direct iets ernstigs te betekenen. Wanneer u meerdere veranderingen ziet, ze vaker optreden of geleidelijk toenemen, is het verstandig daar aandacht aan te besteden.
Merkt u vooral dat uw oude hond stijver wordt, dan kunt u daarover ook ons uitgebreide artikel over stijfheid bij oudere honden lezen.
Hond heeft moeite met opstaan: mogelijke oorzaken
Wanneer een hond moeite heeft met opstaan, bestaat daarvoor niet één mogelijke oorzaak. Daarom is een goede beoordeling belangrijk, zeker wanneer de klachten aanhouden of toenemen.
Artrose en andere gewrichtsproblemen
Artrose komt regelmatig voor bij oudere honden. Bij artrose verandert het gewricht en kan bewegen minder comfortabel worden.
Een hond met gewrichtsproblemen kan bijvoorbeeld na een rustperiode stijver zijn en na enkele minuten bewegen wat soepeler lijken te lopen.
Andere veranderingen die kunnen opvallen zijn minder graag springen, moeite met traplopen, een lager wandeltempo of minder enthousiasme voor activiteiten die vroeger vanzelfsprekend waren.
Belangrijk is wel: stijfheid betekent niet automatisch artrose. Andere oorzaken kunnen vergelijkbare signalen geven.
Wilt u hier meer over weten? Lees dan ook ons artikel over artrose bij honden en het herkennen van symptomen.
Ook lichaamsgewicht verdient aandacht. Onderzoek vanuit de Faculteit Diergeneeskunde van de Universiteit Utrecht beschrijft dat overgewicht artrose bij honden en katten kan verergeren.
Afname van spierkracht
Spieren zijn essentieel bij het opstaan. Vooral de spieren van de achterhand leveren veel kracht wanneer een hond vanuit liggende positie overeind komt.
Bij het ouder worden kan spiermassa afnemen. Ook wanneer een hond door ongemak minder beweegt, kunnen spieren geleidelijk zwakker worden.
Hierdoor kan een vervelende cirkel ontstaan:
minder bewegen → minder spierkracht → moeilijker bewegen → nog minder bewegen.
Daarom is alleen langdurig rust houden meestal niet de beste oplossing, tenzij een dierenarts dat vanwege een specifieke aandoening adviseert.
Spieren, pezen en banden
Niet alleen gewrichten kunnen een rol spelen. Ook spieren, pezen en banden kunnen gevoelig, overbelast of minder soepel zijn.
Denk bijvoorbeeld aan een eerdere blessure, een verkeerde beweging of langdurige overbelasting. Een hond kan zijn bewegingspatroon vervolgens aanpassen om een gevoelige plek te ontzien.
U merkt dan bijvoorbeeld dat uw hond anders gaat zitten, voorzichtig draait of bepaalde bewegingen probeert te vermijden.
Rug en zenuwstelsel
Moeite met opstaan kan soms samenhangen met de rug of het zenuwstelsel. Problemen in dit gebied kunnen invloed hebben op kracht, coördinatie en beweging.
Dit verdient extra aandacht wanneer u naast moeilijk opstaan ook veranderingen ziet zoals:
- slepen met een poot;
- plotseling krachtverlies;
- wankel lopen;
- afwijkend neerzetten van een poot;
- duidelijk pijn aangeven;
- plotseling niet meer kunnen staan.
Bij dergelijke verschijnselen is het belangrijk om snel contact op te nemen met een dierenarts.
Hond heeft moeite met opstaan: wat kunt u thuis doen?
Wanneer een hond moeite heeft met opstaan, kunt u thuis al een aantal eenvoudige dingen controleren. Deze maatregelen vervangen geen onderzoek of behandeling, maar kunnen het dagelijkse bewegen wel gemakkelijker maken.
Zorg voor voldoende grip
Als uw hond moeite heeft met opstaan, kijk dan ook goed naar de ondergrond waarop hij loopt en vanuit welke houding hij overeind probeert te komen.
Wanneer de poten tijdens het overeind komen wegglijden, moet een hond extra kracht leveren. Bovendien kan een eerdere glijpartij ervoor zorgen dat hij onzeker wordt en voorzichtiger gaat bewegen.
Leg daarom bijvoorbeeld antislipmatten of lopers op plaatsen waar uw hond:
- uit zijn mand komt;
- veel loopt;
- een bocht moet maken;
- bij zijn voer- en drinkbak staat;
- richting de buitendeur loopt.
Dit is een eenvoudige aanpassing die u direct kunt uitvoeren.
Let op het lichaamsgewicht
Extra lichaamsgewicht betekent extra belasting tijdens bewegen. Een gezond lichaamsgewicht is daarom belangrijk voor honden die minder gemakkelijk bewegen.
Weet u niet zeker of uw hond een gezond gewicht heeft? Vraag uw dierenarts dan om het lichaamsgewicht en de lichaamsconditie te beoordelen.
Ga bij een oudere hond niet zomaar streng lijnen. Goede voeding en behoud van spiermassa blijven belangrijk.
Kies voor regelmatige, passende beweging
Wanneer bewegen moeilijker wordt, lijkt veel rust soms logisch. Maar te weinig activiteit kan juist bijdragen aan verlies van spierkracht.
Meerdere rustige wandelingen verspreid over de dag kunnen prettiger zijn dan één lange wandeling.
Kijk daarbij naar uw eigen hond. Niet alleen naar hoeveel kilometer hij loopt, maar vooral naar hoe hij beweegt tijdens én na de activiteit.
Is hij later op de dag duidelijk stijver? Heeft hij na een lange wandeling veel meer moeite met opstaan? Dan kan dat informatie zijn om met uw dierenarts of dierfysiotherapeut te bespreken.
Maak de rustplaats praktisch
Een comfortabele ligplaats moet niet alleen zacht zijn. Uw hond moet er ook gemakkelijk in en uit kunnen komen.
Let bijvoorbeeld op:
- voldoende ondersteuning;
- een droge en tochtvrije plek;
- geen hoge rand waar uw hond overheen moet stappen;
- voldoende ruimte om te draaien;
- een ondergrond waarop het bed niet verschuift;
- goede grip direct naast de mand.
Een heel zacht kussen waarin een hond diep wegzakt, is niet voor iedere oudere hond ideaal. Kijk vooral wat uw hond zelf prettig vindt en waarvan hij gemakkelijk kan opstaan.
Kleine veranderingen vertellen vaak veel
Honden kunnen ongemak anders laten zien dan mensen verwachten. Niet iedere hond piept of loopt duidelijk kreupel.
Soms zijn de veranderingen subtiel.
Uw hond loopt bijvoorbeeld nog steeds graag mee, maar aarzelt voordat hij in de auto springt. Hij gaat nog mee naar boven, maar staat onderaan de trap eerst even stil. Of hij blijft ’s avonds liggen wanneer hij vroeger direct naar u toe kwam.
Juist dat soort veranderingen zijn waardevolle informatie.
U kunt gedurende één of twee weken kort bijhouden:
- wanneer het moeilijk opstaan vooral optreedt;
- hoe lang de stijfheid duurt;
- of er verschil is tussen ochtend en avond;
- welke activiteit uw hond die dag heeft gehad;
- of wandelen beter of juist moeilijker gaat;
- of u veranderingen ziet in gedrag, eetlust of slaap.
Een kort filmpje van het opstaan of lopen kan eveneens nuttig zijn om tijdens een afspraak aan uw dierenarts of dierfysiotherapeut te laten zien.
Wanneer naar de dierenarts?
Wanneer uw hond moeite heeft met opstaan en dit regelmatig terugkomt, duidelijk toeneemt of gepaard gaat met andere veranderingen, is het verstandig uw dierenarts te raadplegen.
Wacht niet af wanneer uw hond:
- plotseling niet meer kan opstaan;
- duidelijk veel pijn heeft;
- een poot niet meer wil of kan gebruiken;
- plotseling kracht verliest;
- met één of meerdere poten sleept;
- wankel of ongecoördineerd loopt;
- na een val of ongeval moeilijk beweegt;
- naast bewegingsproblemen ook duidelijk ziek of afwijkend gedrag vertoont.
De dierenarts kan onderzoeken waar de klachten mogelijk vandaan komen en bepalen of aanvullend onderzoek of behandeling nodig is.
Aanvullende ondersteuning en PEMF
Wanneer duidelijker is wat er speelt, kan naast reguliere diergeneeskundige zorg soms aanvullende ondersteuning worden overwogen.
Een mogelijkheid waarover Dierherstel informatie geeft, is PEMF, oftewel Pulsed Electromagnetic Field Therapy. Hierbij worden gepulseerde elektromagnetische velden toegepast.
PEMF moet niet worden gezien als vervanging van een diagnose, diergeneeskundige behandeling of dierfysiotherapie. Welke ondersteuning passend is, hangt af van de individuele hond, de oorzaak van de klachten en het behandelplan.
Wilt u eerst meer weten over deze techniek? Op Dierherstel vindt u uitgebreide informatie over wat PEMF is en hoe het wordt toegepast.
Dierherstel kan eigenaren informeren over de mogelijkheden en het verantwoord gebruik van PEMF als aanvullende ondersteuning. Waar nodig gebeurt dit in afstemming met de behandelend dierenarts of dierfysiotherapeut.
Conclusie: kijk naar wat er verandert
Wanneer uw hond moeite heeft met opstaan en dit steeds vaker gebeurt, is het verstandig om niet alleen naar zijn leeftijd te kijken, maar ook naar veranderingen in zijn totale bewegingspatroon.
Kijk daarom niet alleen naar leeftijd. Let op veranderingen in opstaan, lopen, springen, traplopen, wandelen en rustgedrag.
Met eenvoudige aanpassingen zoals meer grip, passende beweging, aandacht voor het lichaamsgewicht en een geschikte rustplaats kunt u thuis al veel doen. Blijven de problemen bestaan of worden ze erger, laat uw hond dan beoordelen door een dierenarts.
Wilt u weten of aanvullende PEMF-ondersteuning mogelijk past bij de situatie van uw hond? Neem dan gerust contact op met Dierherstel. We denken met u mee over verantwoord gebruik als aanvulling op de reguliere zorg.